• Facebook - Grey Circle
  • Grey Instagram Icon

© 2019 Life on top of The Disco. Proudly created with Wix.com

  • lifeontopofthedisco

De aanhouder wint in Botswana

Aangezien jullie nu allemaal thuis zitten met wat tijd over, een extra lange blog!

4 februari was het zo ver, we rijden eindelijk Botswana in. We waren natuurlijk al behoorlijk klaar met Zuid Afrika maar we keken ook vooral uit naar Botswana, een land die bij ons beide vrij hoog op het lijstje stond. We komen aan in de hoofdstad Gaborone. Een hele kleine stad waar we na drie dagen alle straten en pleinen al kenden. Het is er een georganiseerde chaos en het voelt enorm veilig. We gaan hier op zoek naar een nieuwe auto want dit zou dé plek moeten zijn. Is het normaal gesproken ook. Ofwel, mocht je ooit naar Botswana gaan en zelf een auto willen kopen (wat wij zouden aanraden!), ga naar Gaborone. Er is een hele wijk vol met auto bedrijven en alles ziet er gloednieuw uit. Botswana importeert heel veel auto's uit Japan en iedereen hier koopt een “nieuwe” geïmporteerde auto. Op de particuliere markt zijn eigenlijk niet heel veel auto's te koop. Klinkt ons best prima, al is het dan misschien iets duurder, dan heb je wel wat meer zekerheid dat je geen miskoop doet.



Vol goede moed gaan we de stad in, naar de garages. De een na de ander heeft geen auto in ons budget, is gesloten of geeft aan nu geen auto's te verkopen. Wij snappen er niks van, waarom is het zo moeilijk om een auto te vinden op een plek waar er zoveel te koop staan.

Wat blijkt, alle garages zijn gesloten op last van de belastingdienst. Ze mogen pas weer nog niet geregistreerde auto's verkopen als de belastingaangifte op orde is. Aangezien alles uit Japan komt is er bijna nog niks geregistreerd dus kunnen de garages helemaal niks verkopen. Na veel praten met mensen op straat komen we erachter dat dat nog wel een week of twee kan duren. Daar gaan we dus écht niet op wachten.


Gelukkig is er tegenwoordig Facebook en staan daar ook een aantal auto's te koop. We bekijken er een aantal, maken ruzie met wat oplichters, worden over de hele schroothoop meegenomen en uiteindelijk vinden we Pablo de Pajero! Er zijn nog wel twee dingetjes die ons niet helemaal lekker zitten dus we nemen de auto mee naar een garage. Er wordt geconstateerd dat er inderdaad wat aan gedaan moet worden en de verkoper belooft dat hij dat de volgende dag gaat doen en we de auto om 10:00 kunnen ophalen. Dat klinkt top, aangezien het dan vrijdag is kunnen we de auto nog precies op naam krijgen en door rijden het land in.

Vrijdag pakken wij vroeg onze spullen in en gaan alvast naar de stad om de auto op te halen zodra hij klaar is. Uiteraard wordt het een uurtje later, nog een uurtje later en nog een uurtje later. We spreken af op het vliegveld omdat wij om 13:00 onze huur auto in moeten leveren. Om 14:00 komt de beste man eindelijk aan met de auto. Ik ben inmiddels echt wel wat gewend aan wachten in Afrika maar dit slaat natuurlijk alles. Bovenal, wij willen de auto op naam en zsm uit Gaborone weg, gaat dat nu nog wel lukken?


Je weet nooit hoe het loopt met op naam zetten van een voertuig in Afrika dus we besluiten de man pas te betalen als we zeker weten dat we hem op naam krijgen. Hij moet dus maar even mee naar het traffic department. Dat ziet hij eigenlijk niet zitten maar we krijgen hem toch zo ver. Eenmaal daar aangekomen geven ze aan dat ze geen mensen meer toelaten omdat ze vol zitten met afspraak tot aan de sluitingstijd. Ik zie mijn geest al dwalen, nog een heel weekend in Gaborone rondhangen, dat op naam zetten gaat nooit lukken, dit wordt weer een groot fiasco. Dat roep ik dus ook tegen de beste man achter het glas, dat het niet waar kan zijn en hij maar plek moet maken. Maart zegt dat ik rustig moet doen, ik loop netjes naar buiten om af te koelen en Maart regelt het binnen. Ach, misschien zijn we gewoon ergens een goed team. Of zou ik toch eens iets aan mijn temperament moeten doen!?

We kunnen de auto ook in een andere stad overschrijven maar we hebben wel een gecertificeerd kopietje nodig van ons paspoort en die moeten we bij de ambassade halen. Onze verkoper noemt ineens dat hij terug naar zijn werk moet maar wij zijn er wel klaar mee en besluiten hem een koekje van eigen deeg te geven. We rijden rustig naar de ambassade en daar regelen we onze kopie terwijl de verkoper nog in de auto maar even op ons moet wachten. Vervolgens doen we de betaling via internetbankieren en is de verkoper van slag omdat het geld niet direct op zijn rekening staat. We vergeten het soms maar we zijn in Afrika. Alles kan, alles mag en van de huidige technologie snapt niemand wat. We moeten dus weer praten als brugman maar uiteindelijk gelooft hij ons en kunnen we rijden met onze nieuwe auto!


We spreken af met Jim om elkaar te treffen bij de zoutvlaktes. Terwijl wij daar rustig naartoe rijden en genieten van het bijzondere maar eentonige landschap van Botswana krijgen we bericht dat Jim van zijn motor is gevallen en z'n been een klein beetje kapot is. Hij komt niet naar de zoutvlaktes, we zullen hem verderop in het land treffen. Wij willen heel graag de zoutvlaktes overcrossen met onze nieuwe Pablo maar de zoutvlaktes blijken een grote natte plas te zijn. Je kunt de grote zoutvlaktes dus niet echt op en om alleen een heel stuk om te rijden voor een baobab boom zien we ook niet zitten, die hebben we wel genoeg gezien in west Afrika. We rijden nog wel een relatief kleine zoutvlakte op en crossen daar even lekker overheen om vervolgens door te rijden naar Jim.



Jim blijkt er erger aan toe te zijn dan we dachten en kan voorlopig niet op de motor. Wij vinden het eigenlijk wel even lekker dus rusten samen met hem een paar dagen uit in de backpackers. Even zwemmen, blog schrijven, auto opruimen, wasjes draaien etc. We besluiten een vluchtje boven de delta te boeken, een lang gekoesterde droom van mij! In een cessna vliegen we een uurtje boven de delta. Doordat we in het regenseizoen zitten is het enorm nat en groen, prachtig! We vliegen over olifanten, zebra's, buffels, giraffen en duizenden nijlpaarden, zo gaaf! Na een half uurtje merk ik dat mijn maag het niet heel leuk meer vindt en de laatste tien minuten is het niet meer te houden. Gelukkig waren we gewaarschuwd en hadden we plastic zakjes mee. Dit mocht de pret echter niet drukken, wat een onvergetelijke ervaring was dit!

Na drie dagen besluiten we Jim bij ons achterin de auto te stoppen en samen richting het natuurpark Khwai te gaan. In principe is een heel groot deel van Botswana eigenlijk gewoon natuurpark. Je kunt olifanten en leeuwen gewoon op de snelweg tegenkomen maar dat hebben wij maar op een stukje snelweg gezien. Er staan geen hekken om de parken heen maar hekken om de dorpen/steden. Toch zit er wel verschil tussen de gebieden en moet je voor sommige parken ook entree betalen. Khwai is echter een gratis gebied waar je ook al erg veel kunt zien, dat lijkt ons prima om mee te beginnen. We tanken de auto vol, nemen genoeg eten, water en bier mee en zorgen dat de camera is opgeladen. Wij gaan dieren spotten!



Poging 1

Jim had eerder met iemand anders op een prachtige plek in de natuur gestaan om te overnachten (poging 2 dus voor Jim) en omdat we redelijk aan het eind van de middag zijn vertrokken rijden we direct daarheen. Het is aan een prachtige waterplas waar ze de vorige keer tientallen olifanten zagen baden. We zetten vol goede moed onze tent op, sprokkelen hout en maken een goed vuurtje. We genieten de hele avond van de geluiden om ons heen en van alle prachtige sterren.

Natuurlijk is het ook wel een beetje spannend dat er elk moment een olifant, leeuw of nog erger een luipaard naast je kan staan maar zodra je eenmaal lekker in je tentje ligt zijn die geluiden alleen maar heel gaaf.


Er zijn verschillende meningen over wildkamperen en deze meningen zullen vast onder jullie ook verdeeld zijn. Wij kiezen ervoor om dit regelmatig te doen als wij de kans zien en als het voor ons iets toevoegt. In Botswana is dit voor ons zeker het geval. Mocht je op een camping in de natuur willen staan dan betaal je ongeveer €50,00 per nacht voor twee personen, enorm veel geld. Je staat dan op een camping maar er zijn geen faciliteiten, er is ook geen hek om de camping dus je wordt niet beschermd tegen de dieren. Er is dus eigenlijk helemaal geen verschil tussen zo'n camping boeken en wildkamperen, behalve dan een prijsverschil van €50,00. Uiteraard zorgen we dat we dat we geen hout kappen maar alleen opbranden wat er los op de grond ligt, zullen we nooit vuil achterlaten en proberen we zo min mogelijk in de weg te gaan staan van wilde dieren. We genieten voornamelijk van de rust, het feit dat je niemand om je heen hebt en midden tussen de dieren staat. Voor ons zijn dit vaak de mooiste nachten van de reis.


Goed, terug naar de volgende ochtend. We maken rustig ons ontbijt, nog steeds geen olifanten bij het water, als er ineens vijf safari auto's langs komen rijden, ook op zoek naar de olifanten natuurlijk. Ik zwaai heel vriendelijk en ga door met het pannenkoekenbeslag maar zij kijken niet heel erg blij. De jongens zijn bang voor een boete dus willen eigenlijk toch liever door rijden en ergens anders ontbijten. We pakken alles snel in en rijden over het kleine paadje naar de hoofdweg. Na 200 meter hoor ik ineens een raar gesis. Lekke band! We hopen dat hij langzaam leegt loopt en we het precies tot de hoofdweg redden maar na nog 50 meter rijden we al op de velgen en komen we erachter dat er een scheur van 6 centimeter in de band zit, oepsie! Er wordt mega snel een band verwisseld en dan moeten we toch maar terug naar de stad om een nieuwe band te halen, deze is niet meer te redden. We vinden een nieuwe band, dingen even flink af, de band wordt met de hand om de velg gelegd, we tanken weer en halen nog wat nieuw bier en vertrekken nogmaals richting de natuur.



Poging 2

We rijden terug maar gaan nu de andere kant op. We rijden over kleine weggetjes door het park op zoek naar spannende dieren. Het enige wat we tegen komen zijn een aantal giraffen, ook erg leuk natuurlijk! Als we bijna bij onze plek zijn om te overnachten begint de auto een beetje gek te doen. We moeten door wat los zand en eigenlijk zou onze auto dat makkelijk moeten kunnen maar het wil niet echt heel lekker, het lijkt alsof hij de kracht er niet voor heeft. We maken ons er niet heel druk om en rijden rustig naar de slaapplek, wederom een prachtige plek in de natuur. We maken lekker wat te eten en de volgende ochtend zijn we toch vroeg wakker dus besluiten om 07:00 al te vertrekken zodat we wellicht de wilde dieren rond zien lopen. We rijden weer over kleine wegen en op het moment dat we vlakbij een lodge zijn valt de auto gewoon uit. Niet meer starten, niks meer. Na tien minuten wachten start hij weer maar de power is nu wel echt ver te zoeken. We gaan rustig naar de hoofdweg en proberen het daar nog eventjes maar het is toch echt wel gedaan. Hiermee gaan we niet nog 80 kilometer terug komen naar de stad. Jim en Maarten bekijken wat er mis is met de auto, waarom het niet goed gaat en ik besluit ons ontbijt te maken, toch ook wel lekker aangezien het inmiddels al 10:00 is. Ze komen erachter dat ze er zelf nu echt even niks mee kunnen en vinden iemand die ons wil slepen. Wij hebben echter geen sleepkabel (achtergelaten in de Disco) en zij zeker niet. Er zit niks anders op dan een oranje spanband van de action te gebruiken en heel hard te bidden dat dit gaat lukken. De spanband wordt iets te kort vast geknoopt naar onze zin maar we doen het ervoor. We moeten nog ongeveer 50 kilometer over een flinke gravel weg dus het is een flinke uitdaging. En dan, eindelijk, zien we een mega grote groep olifanten! Onze sleepwagen gaat daar echter echt niet op wachten, scheurt tussen de olifanten door en weg zijn ze. Even later zien we nog een enorme grote groep giraffen maar hier stoppen we uiteraard ook niet voor.


We laten ons afzetten bij een garage in de stad Maun en vragen naar het probleem. Dat wordt al snel duidelijk. Omdat de auto best een tijdje stil gestaan had bij de vorige eigenaar leek het Maart slim om oilflush bij de motorolie te gooien. Dan zou alles een beetje lekker los komen en goed schoon worden. Los kwam het zeker, echter blijkt dat je dit nooit bij oudere auto's mag gebruiken want het komt vervolgens weer ergens anders vast te zitten! We hebben dus gewoon een hele tijd rond gereden terwijl het blok geen olie kreeg. Lijkt me dat zelfs de leken onder jullie begrijpen dat dat niet ideaal is voor een auto... Foutje, bedankt! De schade was gelukkig nog niet heel erg groot maar om het te verhelpen moest wel het motorblok eruit, ellende dus. Uiteraard gebeuren dit soort dingen ons altijd op een vrijdag dus maandag zou er eindelijk aan onze auto begonnen worden en dan zou het zo'n 2/3 dagen duren. Uiteindelijk mochten wij hem 6 dagen later op zaterdag om 19:00 ophalen. Het duurde even maar Pablo rijdt weer als nooit te voren.

In de tussentijd zitten wij natuurlijk maar een beetje te wachten. Dat klinkt heel saai en soms was het dat ook maar als ik er nu op terug kijk was het eigenlijk ook wel een hele gezellige periode. We kamperen bij een backpackers in Maun, de Old Bridge, waarvan de bar eigenlijk ook de stamkroeg is van veel lokale bewoners dus daar komen we veel mee in aanraking. Het personeel is enorm aardig en enorm met ons betrokken. We spelen veel potjes pool, doen spelletjes met elkaar, andere reizigers en lokale. Jim herstelt ondertussen niet helemaal lekker dus we bezoeken nog twee keer het ziekenhuis. We gaan naar lokale kroegjes in de stad met nieuwe lokale vrienden, hangen een beetje rond in de winkelcentra en op de pleintjes, liften met mensen naar de stad en worden inmiddels herkend door de lokale bevolking. Daarnaast zijn er bij de backpackers veel andere reizigers die naast ons komen staan dus heb je elke avond weer nieuwe verhalen te delen met mensen. Het voelt een beetje als wachten maar aan de andere kant maken dit soort dagen ook dat je zoveel meer tussen de mensen komt dan wanneer je sneller doorreist. We zien er maar het beste van in!



Poging 3

Het plan is om zondag te vertrekken als we eindelijk de auto weer terug hebben maar Maart voelt zich niet helemaal lekker dus die zondag blijven we nog even bij de backpackers en we willen maandag vertrekken. Zondag barst de hel echter los, het begint einde van de middag te regen en het stopt pas twee dagen later. We besluiten maandag wel richting de parken te gaan, nog een dag wachten zien we echt niet zitten. Die ochtend besluit Jim dat het genoeg is geweest na anderhalf jaar Afrika en boekt een vliegticket naar huis, hij klimt nog wel even achterin en met z'n drieën gaan we op pad. Inmiddels stond er een Nederlands stel (Anique en Joep) naast ons die net op reis zijn en die zijn ook van plan die richting op te gaan. Zij doen wat rustiger aan maar wij geven aan hen aan waar we misschien gaan wild kamperen en dat ze welkom zijn mochten zij het fijn vinden om hen eerste keer wild kamperen met ons samen te doen. De kans dat we elkaar treffen is niet heel erg groot maar wie weet.

We gaan weer vol goede moed op pad en dan komen we aan op de gravelweg. Blijkt dit te zijn veranderd in een modderbad. Er liggen enorme lange plassen overal en je kunt absoluut niet zien hoe diep ze zijn. Van de Disco wisten we dat hij het allemaal makkelijk aan kon maar daar was altijd nog de angst dat er weer eens iets stuk gaat als je midden in de wildernis staat. Nu met Pablo weten we nog niet helemaal wat hij kan en ook die ging al na twee weken stuk. De stress zit er bij mij goed in, ik voel mij er eigenlijk helemaal niet prettig bij. Ik ben er inmiddels echt wel klaar mee om elke keer te moeten wachten omdat we auto problemen hebben of om onszelf ergens uit te moeten graven etc. Het lukt mij maar niet om dit gevoel los te laten en bij elke plas zit ik stijf van de spanning. Verre van gezellig en absoluut voor niemand leuk. Als we een groep andere auto's tegen komen laten we die voor en ik voel mij weer wat prettiger omdat we kunnen zien hoe diep de plassen zijn en dat dit wel gaat lukken. Uiteindelijk stoppen we even omdat we een raar geluidje horen en de groep rijdt door, nu moeten we het weer zelf doen. We rijden nog een stukje door maar komen weer voor een ogenschijnlijke diepe plas en ik zie het echt niet meer zitten. Maarten en ik praten daar uiteraard rustig over, zoals we dat goed kunnen, we schreeuwen niet tegen elkaar, we worden niet boos maar lossen dit netjes op als twee volwassen mensen. Jim besluit ons maar even alleen te laten en als alles weer een beetje rustig is rijden we terug. We zijn het erover eens dat het op deze manier niet leuker gaat worden. We draaien om en willen terug rijden naar de wildkampeerplek die we aan Joep en Anique hebben doorgegeven. Het geluid wat we horen blijkt de stuurpomp olie te lekken. Een speciaal type olie wat natuurlijk niemand heeft die we tegen komen. We rijden naar een lodge en de monteur zegt dat we er gewoon normale olie in kunnen gooien en daar nog een heel eind mee door kunnen rijden gelukkig. Als we bij de slaapplek aankomen komen Joep en Anique niet veel later ook aan.

Joep heeft deze speciale olie bij zich en wij kunnen dit flesje gebruiken zodat we eventueel het park nog in kunnen. Nu we samen met hen zijn voelt het al een stuk veiliger voor mij en we besluiten het toch nog een keer te proberen.


Poging 4

We vertrekken opnieuw richting de parken en nemen de kleine afslagen. De wegen worden er niet beter op, er liggen enorme plassen op de “weg” maar Pablo gaat overal eigenlijk met gemak doorheen. We worden al vrij snel getrakteerd op twee brullende leeuwen direct naast de weg, eindelijk! We rijden over de kleinste weggetjes en door de diepste plassen en zelfs ik begin het offroaden weer leuk te vinden, Maarten is uiteraard helemaal in zijn element en wil van alles uit proberen. Soms gaat me dat iets te ver en dan stap ik maar even uit zodat hij samen met Jim kan klooien. Ondertussen zien we enorm veel nijlpaarden in en buiten het water, herten, zebra's, olifanten en giraffen.



Als we bedacht hebben waar we ongeveer willen wild kamperen (een plekje gevonden op Ioverlander) stuiten we op een rivier. We moeten de rivier over willen we daar komen.... Er valt slecht te zien hoe diep de rivier is, al lijkt het op het eerste gezicht niet heel diep. Toch weet je dat er nijlpaarden in leven en die zijn toch best groot. Ik loop het water in zolang je de bodem kunt zien en probeer er met een stok achter te komen hoe diep het is. Iedereen vindt het inmiddels een beetje spannend (behalve Jim, zijn auto rijdt hier tenslotte toch niet bij) maar aangezien we met twee auto's zijn is het risico ook niet heel groot. Joep en Anique gaan eerst met de Land Rover. Het lukt! We zien dat het eigenlijk helemaal niet zo diep is en ook Pablo gaat er met gemak doorheen. We vinden een prachtige plek om te kamperen, zetten de luifel op, maken vuur en beginnen aan het potjie. Rond een uur of 17:30 komt er ineens een safari auto. Dat we daar absoluut niet mogen slapen, dat het levensgevaarlijk is en als we niet weg gaan dat ze ons moet rapporteren en we een flinke boete krijgen, shit! Ze adviseert ons om naar de camping te gaan die niet ver weg is, maar wij willen natuurlijk niet €50,00 voor een nachtje betalen. We besluiten helemaal terug te racen naar onze wild kampeer plek van de nacht ervoor. Dit is nog een heel eind en net voor het donker komen we aan.



De volgende twee dagen rijden we nog lekker door Khwai en Moremi rond. Ondanks dat het betaalde Moremi bekend staat om de vele dieren die je tegen kunt komen zagen wij hier eigenlijk helemaal niks. Het is mega groen en daardoor erg dichtbegroeid. In Khwai, wat niks kost, zagen we echter van alles. Dit park is echt een aanrader als je op budget door Botswana gaat.

Het heeft ons een paar pogingen gekost maar uiteindelijk waren deze dagen het dubbel en dwars waard. Het off roaden was gaaf, de natuur is prachtig, veel wilde dieren gezien en goed gezelschap, wat wil een mens nog meer!



We rijden terug naar Maun, nemen afscheid van Jim en dan gaan we richting de Caprivi strip. Dit is weer een stukje Namibië, de vorige keer waren we hier niet aan toegekomen maar aangezien vele mensen hier zo enthousiast over zijn wilden we het toch nog even meepakken. Joep en Anique gaan nog een stuk met ons mee, aangezien die dezelfde kant op gaan.

We besluiten voordat we in Namibië aan komen langs te gaan bij de Tsodilo Hills. Hier zijn veel rock paintings en het moet een prachtige plek zijn. Wellicht zijn wij inmiddels aardig verwend maar wij vonden het eigenlijk helemaal niet zo bijzonder. We gaan nog wel een wandeling de berg op doen maar ook die stelt eigenlijk niets voor, je loopt alleen maar tussen begroeiing dus je hebt geen idee wat er te zien is. We proberen van de gids meer informatie over de rockpaintings te krijgen. Dat is nog niet zo makkelijk. We weten inmiddels dat er twee stammen waren, waardoor er witte en rode paintings zijn. Meer informatie krijgen we er eigenlijk niet uit. Hij legt ons alleen uit wat we zien, een neushoorn, een giraffe etc. Hoe hard we ook proberen om meer informatie te krijgen, dat lukt gewoon niet. Dit is iets waar we eigenlijk best vaak tegenaan lopen in Afrika. Als je een gids hebt dan wil dat nog niet zeggen dat je ook de informatie krijgt die je hoopt te krijgen. Vaak weten ze eigenlijk vrij weinig van de geschiedenis van de locatie af en kunnen ze alleen maar vertellen wat je eigenlijk zelf ook al ziet. Voor ons is dat een reden om in Afrika weinig georganiseerde tours te doen, het voegt eigenlijk niks toe voor ons.


Daarnaast is er nog iets typisch Afrikaans bij deze toeristische plek. Er is één camping in de hele omgeving en die is vrij duur. Wij willen daar geen gebruik van maken want er zijn geen faciliteiten dus eigenlijk betaal je min of meer voor niks. We geven aan dat we wel ergens in het wild kunnen gaan slapen, dan biedt de bewaker van de camping aan dat we wel in haar tuin mogen kamperen. Als we terug komen van onze wandeling kunnen we haar niet direct vinden en inmiddels regent het ook nog. We besluiten dat de ingang van de camping een mooie plek is om te koken en misschien ook nog wel te kamperen. Dat blijkt geen probleem te zijn. We kunnen dus voor niks bij de ingang van de camping staan. Deze situatie voelt natuurlijk eigenlijk heel erg gek en als Maarten besluit iemand nog even een lift naar huis te geven laat die man weten eigenlijk best teleurgesteld te zijn in het personeel. Deze camping is namelijke en community camping, iets wat wij ook niet wisten. Het dorp bestaat uit 500 inwoners en die zijn eigenlijk allemaal familie. De camping en de guided tours zijn de enige inkomsten van het dorp. Hij vindt dat het duidelijk te zien is dat wij niet veel geld te besteden hebben (bedankt he...) dus hadden ze ons beter voor een gereduceerd tarief kunnen laten staan in plaats van gratis voor de camping. Hoewel je denkt dat het in Afrika voor iedereen belangrijk is om ook maar een klein beetje geld te verdienen, kijken ze er hier absoluut niet zo tegen aan. Als ergens een prijs aan gegeven is dan de prijs en valt er niet te onderhandelen. Dat wij dan vervolgens weg gaan en helemaal niks betalen lijkt ze niks uit te maken.



Na de Tsodilo Hills rijden we door de Caprivi strip, een prachtige omgeving aan de rivier. In de rivier leven heel erg veel nijlpaarden en krokodillen. We vinden weer een prachtige plek om te overnachten aan de rivier, kijken vanaf een heel klein afstandje hoe de nijlpaarden uit het water klimmen, terwijl we koken worden we in de gaten gehouden door nijlpaarden in het water en 's nachts horen we ze over het land lopen. We genieten van de natuur en willen eigenlijk heel erg graag nog een dagje blijven om gewoon een beetje voor ons uit te staren. Helaas regent het de hele avond en de volgende dag nog steeds, dan is er toch eigenlijk niet zoveel aan.



We rijden door naar Kasane waar we een camping zoeken zodat we overdekt kunnen zitten en koken. We wachten een dagje tot het weer opklaart en dan gaan we het bekendste nationale park van Botswana in, Chobe. We hebben veel mensen gesproken die Chobe in geweest zijn en op het stukje waar wij nu zijn hebben zij allemaal het meeste gezien. Sommige hebben het over wel duizend olifanten! Dat willen wij wel zien natuurlijk. Samen met Joep en Anique staan we 's morgens om 6 uur bij de gate. We rijden vol goede moed door het park, langs het water, door de kleine bospaadjes, bij de uitkijkposten, we doen alles wat we kunnen maar we zien vrijwel niks. We zin één buffel ver weg tegen gekomen en een aantal nijlpaarden op een grote afstand.

Als we even op de picknickplek stoppen om te plassen blijft Maarten in de auto zitten terwijl ik met Anique sta te praten. Ineens zien wij een aap op mijn deurstijl zitten, terwijl het raam open staat. Ik roep Maarten maar voordat hij mij hoort zit de aap al in de auto. Maart kijkt op vanaf zijn telefoon en schrikt zich dood omdat er ineens een aap naast hem zit. Zonder na te denken pakt hij de aap in zijn nekvel en gooit hem, met crackers en al naar buiten, onder luid gejuich van de omstanders.

Hebben we tenminste iets mee gemaakt deze dag!


Na vier uur rondjes rijden besluiten we dat het wel mooi geweest is en we liever nog even een uurtje slapen op de camping. Want 's middags stond er nog een boottocht op het programma. Ook van deze boottocht hebben we van iedereen goede verhalen gehoord, je zou hier ook weer honderden olifanten moeten kunnen zien en nog veel meer. Aangezien we 's morgens niks hadden gezien waren we er al bang voor, die olifanten kregen wij niet te zien. Op het allerlaatste moment vinden we gelukkig nog één moeder olifant met een kleintje maar daar blijft het bij. Wel zien we heel veel krokodillen, nijlpaarden, buffels en prachtige vogels. De tocht is dus niet helemaal voor niks geweest gelukkig en we sluiten Botswana met een goed gevoel af.



Botswana is een land zoals veel mensen zullen denken dat Afrika is. Je ziet heel erg veel dieren, er zijn veel mensen die in een soort hutjes leven, het is erg vlak en overal erg groen. Wij vinden het prachtig maar totaal anders dan alle andere landen die we in Afrika hebben gezien. Mensen hebben overal verschillende soorten hutjes/huizen, we hebben nergens dieren op de weg gezien (tenminste, op koeien, geiten, honden na), bijna alle landen hebben bergen. In Botswana zijn bijna geen kraampjes langs de weg te vinden en een grote lokale markt bestaat er eigenlijk niet. In heel Afrika kom je altijd overal mensen tegen, in Botswana woont bijna niemand. Botswana is een absolute aanrader maar is absoluut niet representatief voor de rest van Afrika. Eens kijken of onze volgende en laatste vier landen dat wel zijn!


Wil je weten hoe het nu met ons gaat? Er volgt snel en update. Kan je niet wachten, stuur ons dan gerust en berichtje!

87 keer bekeken4 reacties
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now